Informatie
Harlinger aardewerk en tegels steengoed (2)

Jan Houter in "Vlieland Magazine"

In de vorige editie van Vlieland Magazine heb ik u verteld over de rijke en lange geschiedenis van de Harlinger tegelfabrieken. Ook het museum 't Tromps Huys op Vlieland is de trotse bezitter van enige fraaie historische tableaus in de speciale tegelkamer. [ ..... ]


harlinger bordDe ruim eerste vijfentwintig jaar van Henk Oswald's leven hadden totaal niets met aardewerk enz. te maken. Sport en in het bijzonder atletiek, vulde zijn leven. Op 27 juli 1938 werd Henk op de Schritsen in Harlingen geboren. een echte Harlinger, want drie à vier generaties Oswald woonden ook al in de stad aan het wad.
De opgroeiende Henk had maar één beroep voor ogen, hij wilde gymnastiekleraar worden.
Henk: "Atletiek is altijd mijn grote liefde geweest. Na mijn diensttijd ging ik naar Amsterdam omdat ik in Noord Nederlanden laat dat nu alsjeblieft niet eigenwijs klinken, geen tegenstand had op atletiekniveau. Ook vond je in het westen veel betere accomodaties dan in Friesland. In 1959 werd ik Neerlands kampioen ver-springen. Met discuswerpen, ver-springen en de honderd meter hardlopen behoorde ik enige tijd bij steeds de beste zes van Nederland. Toen ik echter in 1965 in Amsterdam afstudeerde, kon ik in Harlingen een baan krijgen als gymnastiekleraar".
Inmiddels was Henk in 1963 getrouwd met Maaike Hilarides uit Aurum die hij op de HBS in Harlingen ontmoette.



De eerste kennismaking met tegels


Maaike had een grote wens toen ze naar Harlingen gingen, wonen in een gezellig historisch pand. Op de Zoutsloot, die juist helemaal gerenoveerd werd, vonden zij een bouwval naar hun hart. tegelMet behulp van de Hein Buismanstichting werd Zoutsloot 53 fraai gerestaureerd. Tijdens de graafwerkzaamheden in het pand deden Henk en Maaike tegelvondsten en weldra ontstond een grote liefhebberij voor dit vroegere ambachtswerk.
"Wij wisten er beiden niets van af", zegt Henk. "Toen we het huis kochten was er geen kelder. Toch, Harlingen kennende, moest er wel een geweest zijn. Ik ging met een ijzeren staaf prikken. Zo vond ik een dichtgegooide kelder. Die hebben we helemaal uitgegraven. Weldra hadden we een kruiwagen vol met tegels. Ja en allemaal tegels van voor 1620! In Harlingen gemaakte tegels, zouden wij later ontdekken. Ook haalden we er nog eens een vierhonderd plavuizen uit". Om wat kennis op te doen over de vondsten ging Henk naar het museum Hannemahuis. Daar bleek men weinig of geen informatie te hebben. Men was daar veel meer op schilderijen afgestemd. Toen men hoorde over de interesse van Henk, werd hij snel bestuurslid gemaakt. "Ik kreeg toen de kans wat verder in het museum rond te kijken dan normaal mogelijk was. En wat denk je? Op zolder vond ik dozen vol met tegels, die in het geheel niet schoongemaakt waren. In een kast vond ik schoenen- en kledingdozen vol met authentieke ontwerptekeningen. Sponzen noemen we dat. Dat zijn stukjes papier, waar eerst een tekening op wordt gemaakt. Met een naald zijn de contourlijnen doorgeprikt. Door die gaatjes stuift men dan houtskoolpoeder. De stippellijnen die zo op het glazuur komen kan je dan gaan schilderen. Dat ging anno 1600 al, dat gebeurt nu nog precies zo."
Een paar duizend sponsen lagen er op de zolder van het museum. Met zijn zwager heeft Henk toen een vakantie opgeofferd om het gehele tegelbestand van het museum te rubriceren, schoon te maken en een expositie in te richten. Henk ontdekte met name de echt kunstzinnige schilders Pals Karsten. Een topschilder noemt hij hem steeds.

Pals Karsten

tegelPals Karsten leefde van ongeveer 1723 tot na 1775 in Harlingen. De oudst bekende vermelding van hem als 'Gleybakkers knegt' is van 1749. Dan wordt 'Piet Carsten' als zodanig genoteerd in de Quotisatiecahieren met de toevoeging 'gering bestaan'. Hij behoeft dan namelijk slechts 11 gulden en 13 stuivers te betalen. Dat was een van de laatste aanslagen. De man is zeer bekend geworden om met name schepentableaus. Maar ook bloemen en andere decoraties zijn van grote klasse.
Voor zover bekend heeft Pals Karsten slechts één keer een werk voluit gesigneerd en wel het schoorsteenstuk in het stadhuis van Dokkum (anno 1773)
De kleur van de tableaus is meestal krachtig blauw. De schepen zijn altijd zorgvuldig geschilderd. Zelfs het stiksel van de zeilen wordt aangegeven. Karakteristiek zijn ook de bruisende golven en de mooie wolkenluchten met hier en daar een vogel.
Het vroegst gedateerde tableau is van 1750, de laatsten zijn van 1775, aldus Jan Pluis in 'Tegelvaart' uitgegeven door het Fries Scheepvaart Museum uit Sneek in 1988.
Henk Oswald is een echte bewonderaar van deze Pals Karsten. Ook spreekt hij met eerbied over de meesterwerken uit fabriek van Pytter Granada (4de kwartaal 17de eeuw)

Zelfstandig ondernemer

Toen Henk Oswald in het bestuur van het Hannemahuis zat, kwam hij in kontakt met twee knapen uit Makkum, die graag in Harlingen een bedrijfje in tegels wilden opzetten. Henk wilde en mocht begeleiden. Ze mochten sponsen uit het historisch archief copiëren, alleen dan moesten ze gaan werken onder de naam Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek. Zo werd dit van oudsher in Harlingen bekende beroep een hobby van Henk. Hij steunde de beide knapen in de opzet van hun bedrijf. Echter er waren niet genoeg financiële middelen aanwezig om te kunnen doorzetten. Er lag niet direkt een markt op hen te wachten. Henk en Maaike zaten avonden te praten. Uiteindelijk werd de knoop doorgehakt. Zij besloten het restant op te kopen. Ze wilden proberen het echte historische Harlinger produkt weer terug te brengen.
Dat betekende voor beiden in de avonduren en in het weekend werken. Henk was nog altijd leraar en Maaike had een eigen boetiek in de St. Jacobstraat.
De schilder, één van de twee Makkumers bleef. Een heel grote uitdaging kwam op de Oswalds af. Het is dan 1973. Ze begonnen in een pandje op de Schritsen, niet ver van het geboortehuis van Henk. Zowel de tegelmaker, de schilder als de oven moesten 'huizen' in een ruimte van 4 x 10 meter. Toen ze startten hadden ze precies geteld één afnemer in Nederland. Weldra vonden nog een paar jonge knapen ook werk in het atelier.
Henk: "Onze opzet was alleen maar om alles in leven te houden. harlinger bordWe hoefden er niet aan te verdienen, want we hadden ons eigen werk en dit erbij was onze hobby. Harlingen moest en zou dit ambacht toch kunnen behouden. Het tweede adres waar we de tegels gingen verkopen was in de boetiek van Maaike. En zo gingen we langzaam verder uitbreiden. De combinatie leraar/zelfstandig ondernemer was toch niet gemakkelijk. Als ik terug kwam, gingen ze bijna weer weg. Dat liep niet zoals het behoorde, maar ja wat moest je. Toen kregen we de kans op de Kleine Voorstraat een pand te kopen. Dat was mooi want nu konden èn Maaike's boetiek èn de tegelmakerij in een pand ondergebracht worden. Maaike kon zo overdag toezicht houden. Acht jaar lang wisten we dat zo te redden. Begin tachtiger jaren ging ik samenwerken met een uitstekende vertegenwoordiger, die op de Duitse markt snel een uitbreidend net aan klanten opzette. Dat ons produkt in Duitsland geliefd is, kwam mij niet vreemd voor. Op de Duitse Waddeneilanden, in Hamburg, Bremen of Oldenburg, overal kom je de fraaiste tegelplateaus tegen, gemaakt door Harlinger vakmensen in het verleden. Overal waar je in Noord-Duitsland in musea komt, zitten die vol met tegelwerk uit Harlingen. Die liefde voor het produkt zoals Harlingen dat maakt is er nog steeds en wij werken ook nog net precies dezelfde sponsen als vroeger."

Weer uitbreiden

Toen brak voor Henk en Maaike een moeilijke tijd aan. De zaak groeide snel, erg snel, eigenlijk te snel. Er moest flink geïnvesteerd worden. Henk was nog steeds leraar.
In 1983 konden zij het grote pand van Flevodruk op de Kleine Voorstraat kopen. Er moesten knopen doorgehakt worden. Wat doen we? Het resultaat was een moedig besluit.Doorgaan. Het pand werd gekocht. Henk zei zijn baan als leraar op. In combinatie kon het onmogelijk gerund worden. De veiligheid van een vast salaris werd aan de kant gezet, het zelfstandig ondernemerschap ving nu echt aan. Weldra werd er gewerkt met 15 mensen. Tien jaar later biedt de Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek een vast inkomen aan 21 personen.
Denk echter niet dat alles gladjes verliep. Werkplanning, organisatie, verkoop, alles kwam op hen af. Het werd dag en nacht samen werken om alles op de rails te krijgen. Werd er met 1 oven begonnen, nu staan er 9 ovens in het bedrijf. En die ene eerste oven was nog kleiner dan de kleinste van negen die er nu staat. De laatste tien jaar leiden de Oswalds zelf mensen op. [ ..... ]

Groot succes

tegelDe Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek is nu een groot succes en maakt naam tot ver over de grenzen. Delft en Makkum waren vele jaren de grote namen op het gebied van majolica en daar komt nu Harlingen bij. Voorstelbaar dat men Harlingen als een vervelende horzel ziet. Een horzel die echter zelf met open vizier de markt op gaat. Naast het authentieke werk is de fabriek van Henk en Maaike Oswald echt de enige in Nederland die trendsetter is op het gebied van de ontwikkeling, wat er met majolica kan, de laatste tien jaar. De overigen proberen dat nu ook, doch Harlingen heeft een grote voorsprong. Neem nu eens een majolica eet- en theeservies. De Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek is een van de weinigen in Europa die dat maakt. Er kan echt van gegeten, er kan prima uit gedronken worden. Een en ander kan zelfs de afwasmachine doorstaan. Alles wordt getest bij TNO in Delft. Duitsland heeft een porseleinhistorie. Iedereen die trouwt wil een porseleinen servies hebben. Daar is dus kennis. Harlingen doet het er erg goed. Dat bewijst voldoende.
Alles wordt gemaakt uit zelf samengestelde grondstoffen. De kleisamenstelling is perfect. Voor restauraties heeft de zaak nu ook een uitstekende schilder aangetrokken. Sinds kort is er een kontrakt afgesloten met een Duitse firma die van die grote ouderwetse kachelovens bouwt. Harlingen levert de tegels in precies gewenste kleur. Ook voor restauraties.

Japan

Dat het Harlinger werk zeer gewaardeerd wordt blijkt nog eens te over bij het volgende voorbeeld. In Nagasaki, Japan, is een Holland Village gebouwd. De Frico Domo heeft daar naar authentiek voorbeeld een Noordhollandse stolpboerderij neergezet. Daarin behoorden natuurlijk tegels. Harlingen viel, na gedegen onderzoek, de eer te beurt om 120 m2 tegels te verschepen naar het verre oosten. Alles werd op maat in elkaar gezet in Harlingen, alles werd daarna stuk voor stuk genummerd en in Japan klopte het tot op de millimeter. Een knap staaltje vakmanschap.

Vlieland

De Oswaldfamilie heeft al jarenlang een band met Vlieland. Vanaf 1946 kwamen ze trouw, soms meerdere keren per jaar, naar het eiland. Eerst bij de familie Van Geenen in de Molenstraat, later in Duinkersoord. Er zijn heel wat eieren gezocht en er is heel wat gevist op het eiland. Nog steeds komen de Oswalds regelmatig naar Vlie. [ .... ]
Henk en Maaike Oswald hebben van de Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek een flink bedrijf gemaakt. Dochter Berber werkt nu ook mee. Maaike bemoeit zich met de vormgeving en de kleuren van met name het serviesgoed, Berber verzorgt de werkorganisatie en Henk staat borg voor de produktielijnen. [ .... ]

steengoed (1)De ovensDe fabriekOttemaSite fabriek

Bijdragen, verbeteringen, enz. aan deze pagina worden zeer op prijs gesteld.